Hoe het begon 2017-02-07T18:49:47+00:00

Hoe het begon

Het ontstaan, Sjaak van Dooren nam het voortouw.

In het begin van de 50-er jaren werd er in onze omliggende dorpen in Brabant nog geen carnaval gevierd, zoals we dat kennen. Doch wel in het aangrenzende Limburg, zoals bijvoorbeeld door de Rogstekers in Weert. Van hieruit kwam ook bij ons de wens aanwaaien om carnaval te vieren. Op Schoot woonde de van Limburg afkomstige Sjaak van Dooren, die hier een slagerswinkel had aan de Grootschoterweg, later slagerij Jo van Vlierden. Hij was als Limburger natuurlijk al begaan met het carnaval en verzamelde een aantal Schotenaren om zich heen om tot oprichting van carnaval op Schoot te komen.

Carnavalswagen Buurtschap Grootschoterweg 1954 met molen.

De eerste vergadering,

In 1953 vond een oprichtingsvergadering plaats in het café van Driekske Stevens aan de Stationsweg, nu cafétaria Ut Klumpke. De parochie Schoot liep toe nog tot aan garage Hompes zodat ook de Stationsweg en wijk 4 en 5 bij Schoot hoorde. Als naam werd gekozen carnavalsvereniging de Toeters. De voorbereidingen waren in gang gezet, doch de Watersnoodramp van 1 februari 1953 strooide roet in het eten en alle aktiviteiten met betrekking tot het carnaval werden opgeschort tot in 1954. Zo ook in Budel en Gastel. In 1954 zou het carnaval op Schoot dan de€nitief van start gaan. Er was een bestuur gekozen dat bestond uit de eerder genoemde Sjaak van Dooren, die de eerste vorst werd van de Toeters en verder Thei van de Vin en Tinus Huijers (maarschalken) en de eerste prins van de Toeters Driekske Corstjens.

Het bestuur en prins en prinses carnaval 1954. V.l.n.r. Boven: prinses Anneke Corstjens-Aarts en prins Driekske Corstjens. Onder: bestuurslid Thei van de Vin, vorst Sjaak van Dooren en bestuurslid Tinus Huyers.

Wie wordt de eerste prins !!

Driekske had dat eerste jaar ook al zijn vrouw als prinses aan zijn zijde: Anneke Aarts. Het was trouwens de eerste jaren gebruikelijk dat een kastelein of een zoon van de kastelein prins werd.

Prins carnaval 1954 Driekske Corstjens en prinses Anneke Corstjens-Aarts.

Dit natuurlijk omdat die een café of een café met zaal hadden. Zo had Driekske Corstjens een café met zaal aan de Grootschoterweg. Later werd ook kastelein Leike Sentjens prins en Hak van der Steen, Bertje Damen en Jo van Vlierden als zonen van kasteleins. Voor het echte carnaval waren er maar enkele aktiviteiten zoals het boerenbal, dat plaats vond in de zaal van Harrie van Vlierden, en prinsenbal met receptie bij Driekske Corstjens. Driekske en het bestuur hadden hun oren te luister gelegd in het Limburgse, het een en ander in zijn werk ging. Zo gingen ze hun kleren met mutsen kopen in Kerkrade. Het zag er voor het eerste jaar allemaal prachtig uit. Dit in tegenstelling tot die van de Buulderbuk, die hadden enkel en alleen een zwarte hoed. Op Schoot zong men dan ook: Het is geen gezicht met die zwarte hoed. Het lijkt wel een begrafenisstoet de prinsenwagen

de Prinsenwagen in 1954

De outfit.

De prins en prinses van de Toeters droegen een prinsenpak en prinsessenpak. De vorst en de twee bestuursleden hadden ook een cape om. De leden van de raad van elf droegen een mooi zwart pak. En allemaal een voor die tijd prachtige carnavalssteek. Het hele gezelschap droeg een toeter en medaiille op de borst. Hier op de foto de prins en prinses van de Toeters met de Raad van Elf, genomen in de sneeuw voor het café met zaal van Driekske Corstjens. De namen van deze Toeters vindt U onder de foto.

V.l.n.r. Zittend: Sjang Rijks, Martien Kruysen, LeikeSentjens, vorst Sjaak van Dooren, Frans van den Dungen, Sjefke Teeuwen, Marinus van Norden. Staand: Sjef Corstjens, Toon Vos, Sjaak Geven, bestuurslid Thei van de Vin, prinses Anneke Aarts, prins Driekske Corstjens, bestuurslid Tinus Huijers, Jozef Rademakers en Stultiens.

Burgemeester Remmen overhandigt een cadeau aan Driekske Corstjens.

Opmerkelijk is dat niemand hiervan nog in leven is. Ook werden alle buurten ingeschakeld om per buurt twee carnavalswagens te maken. De buurt waar de prins woonde, maakte een wagen en de prinsenwagen. Besloten werd om de optocht op maandag te houden, waarschijnlijk om de concurrentie van Weert uit de weg te gaan. Op Gastel dat ook in 1954 begon met een optocht, werd die wel op zondag gehouden. De meeste wagens werden nog door paarden getrokken en dat gaf wel eens moeilijheden omdat niet alle paarden gewend waren aan de muziek van de harmonie. Die carnavalsmaandag lag er veel sneeuw zoals op de foto’s te zien is. De drie dagen met carnaval moesten de Toeters alle cafés af en dat waren er wel een stuk of negen: Harrie van Vlierden, Gradje Damen, Driekske Corstjens, Tinus Huijers, Jan Bouwels, Leike Sentjens, Jet van der Steen, Joep Rademaekers en Driekske Stevens. Doch op het einde van de avond “ging de slag uit” in de zalen van Driekske Corstjens en Harrie van Vlierden. Alle dagen was het volle bak op Schoot. En zo was Schoot vertrokken voor het carnaval, dat nu nog altijd goed gedijt.

Bron : Harrie Jaspers